Vonnissen

In deze rubriek vind u een hoop informatie over huurrecht. Wij hebben voor uw een interessant archief opgebouwd wat u kunt helpen bij vragen over problemen met huurders en of andere huurzaken.

Ontruimingsvonnis.nl: Vonnis databank

Ontbinding huur contract, terme de grace

12 Oct 2010

RECHTBANK ROTTERDAM

Sector kanton

Locatie Brielle

zaaknummer: 1099838 \CV EXPL 10-1834

uitspraak: 28 September 2010

 

vonnis

 

in de zaak van

 

1. [Eiser sub 1.]

wonende te [Plaatsnaam],

2. [Eiser sub 2.]

wonende te [Plaatsnaam],

eisers,

gemachtigde: Ontruimingsvonnis.nl te Rotterdam,

 

tegen

 

[Gedaagde],

woonplaats: [Plaatsnaam]

gedaagde.

procederend in persoon

 

Partijen zullen hierna worden aangeduid als [eisers] respectievelijk [gedaagde].

 

1. Het verloop van het proces

1.1 Het verloop van de procedure volgt uit de volgende processtukken, waarvan de kantonrechter heeft kennis genomen:

het exploot van dagvaarding van 3 maart 2010;

het proces-verbaal van het ter terechtzitting van 23 maart 2010 gegeven mondelinge antwoord van [gedaagde],

het schriftelijke antwoord van [gedaagde], en

de conclusie van repliek.

1.2 De datum voor de uitspraak van dit vonnis is door de kantonrechter bepaald op heden.

 

2. De vaststaande feiten

Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend, dan wel niet of onvoldoende gemotiveerd weersproken, staat tussen partijen het volgende vast.

2.1 [gedaagde] huurt van [eisers] de woning aan de [adres].

2.2 De huurprijs is bij vooruitbetaling verschuldigd en bedraagt € 1.000,00 per maand.

 

3. Het geschil en de stellingen van partijen

3.1 [eisers] hebben gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, de huurovereenkomst tussen partijen m.b.t. het gehuurde te [adres] te ontbinden en [gedaagde] te veroordelen tot ontruiming van het gehuurde en tot betaling aan [eisers] van de door hen genoemde bedragen, waarin begrepen € 4.000,00 aan achterstallige huur berekend tot en met de maand maart 2010.

3.2 [gedaagde] heeft op de eis geantwoord. Hij stelt dat er geen sprake is van een huurachterstand en legt ter onderbouwing van dat verweer printjes over van de e-mailcorrespondentie tussen hem en [eiser sub 1.] en een overzicht van betalingen. Volgens hem blijkt uit dat overzicht wanneer hij de huurtermijnen heeft overgeschreven. [gedaagde] erkent dat hij de huur van de afgelopen periode niet heeft voldaan, omdat hij niet weer dezelfde discussie wil over of de huur wel of niet is betaald.

 

4. De beoordeling

4.1 [gedaagde] heeft als verweer - naast zijn stelling dat er geen sprake is van een huurachterstand - slechts producties overlegd, zonder inhoudelijke onderbouwing. De kantonrechter heeft de in het geding gebrachte stukken evenwel bestudeerd en komt naar aanleiding daarvan tot het onderstaande oordeel.

4.2 [gedaagde] legt een overzicht over van betalingen, waaruit volgens hem blijkt wanneer hij de huurtermijnen heeft overgemaakt. Dit overzicht toont echter geenszins aan dat de betreffende betalingen daadwerkelijk zijn gedaan. Het had op de weg van [gedaagde] gelegen zijn betalingen te bevvijzen door bijvoorbeeld het overleggen van bankafschriften. Nu hij dit niet heeft gedaan zal geen rekening worden gehouden met de door hem gestelde betalingen. Bovendien blijkt uit de correspondentie dat [eiser sub 1.] herhaaldelijk heeft verzocht om aan haar mee te delen op welke rekening hij de huurtermijnen zou hebben gestort en heeft [gedaagde] daar nooit gevolg aan gegeven. Voornoemde leidt tot de conclusie dat het verweer onvoldoende gemotiveerd is. De kantonreehter zal er dan ook aan voorbij gaan. De vordering ligt daarom voor toewijzing gereed, een en ander voorzover hierna niet anders blijkt.

4.3 De hoogte van de betalingsachterstand rechtvaardigt ontbinding van de huurovereenkomst en veroordeling tot ontruiming van het gehuurde. De kantonrechter maakt echter gebruik van de wettelijke bevoegdheid [gedaagde] een termijn van een maand toe te staan om de schuld aan [eisers] met rente en kosten alsnog te betalen.

4.4 De gevorderde rente ad € 15,61 wordt als op de wet gegrond toegewezen.

4.5 [gedaagde] wordt als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten veroordeeld.

 

5. De beslissing

De kantonrechter:

veroordeelt [gedaagde] om aan [eisers] te betalen € 4.015,61 aan achterstallige huur berekend tot en met de maand maart 2010 en rente, vermeerderd met de wettelijke rente in de /in van artikel 6:119 BW over € 4.000,00 vanaf 2 maart 2010 tot aan de dag der algehele voldoening;

veroordeelt [gedaagde] in de proceskosten, tot aan deze uitspraak aan de zijde van [eisers] vastgesteld op € 295,93 aan verschotten en € 400,00 aan salaris voor de gemachtigde;

staat [gedaagde] toe om het totaal van de aan [eisers] verschuldigde bedragen, inclusief rente en kosten zoals hierboven genoemd, naast de lopende huur, aan [eisers] te betalen binnen een maand na de uitspraak van dit vonnis;

en bovendien, maar alleen voor het geval [gedaagde] niet binnen de gestelde termijn geheel aan die betalingsverplichtingen voldoet:

ontbindt de bovengenoemde huurovereenkomst tussen partijen met ingang van de dag na afloop van vorenbedoelde termijn van een maand en veroordeelt [gedaagde] om het gehuurde te ontruimen met alle personen en zaken die zich wegens [gedaagde] daar bevinden en het gehuurde onder overgave van de sleutels ter beschikking van [eisers] te stellen;

machtigt [eisers] om, indien [gedaagde] het gehuurde niet tijdig ontruimt, die ontruiming zelf te laten uitvoeren, zo nodig met behulp van de daartoe bevoegde macht;

veroordeelt [gedaagde] om aan [eisers] te betalen € 1.000,00 per maand met ingang van de maand april 2010 tot en met de maand waarin de ontruiming plaatsvindt, ook die laatste maand voor een gehele te rekenen, met de wettelijke rente telkens vanaf de vervaldag van elke termijn:

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad en wijst af het meer of anders gevorderde.

Dit vonnis is gewezen door mr. A.J.J. van Rijen en uitgesproken ter openbare terechtzitting.